Tag archieven: omgangsregeling

Kleding, alimentatie en omgangsregeling

Het is één van de grootste ergenissen van gescheiden ouders, het meegeven van kleding van de kinderen in het kader van een omgangsregeling. Regelmatig komt het voor dat er tussen gescheiden ouders met kinderen discussie bestaat over het meegeven van kleding. Moeder geeft kleren mee en stoort zich eraan dat deze na het weekend niet meer terugkomen. Zij besluit om voortaan maar geen kleding meer mee te geven. Vader moet zelf een garderobe voor de kinderen aanschaffen en houdt daarom kosten in op de alimentatie. Mag dat?

Na een scheiding wonen kinderen voornamelijk bij één van de ouders. Dit noemen we de verzorgende ouder. Er is veelal sprake van een omgangsregeling tussen de kinderen en de niet-verzorgende ouder. Beide ouders dienen bij te dragen in de kosten van de kinderen. Dit wordt berekend aan de hand van de behoefte van de kinderen en de draagkracht van de ouders. In mijn blog ‘Hoe wordt kinderalimentatie berekend’ kunt u meer lezen over de berekening van kinderalimentatie. De niet-verzorgende ouder zal vervolgens een bijdrage in de kosten van de kinderen betalen aan de verzorgende ouder.

Vaak bestaat er discussie tussen de ouders welke kosten door de kinderalimentatie worden gedekt. De kosten van de kinderen kunnen worden onderscheiden in zg. verblijfsoverstijgende kosten en verblijfskosten.

Verblijfsoverstijgende kosten

Uitgangspunt is dat de verzorgende ouder bij wie het kind zijn hoofdverblijf heeft alle kosten, met uitzondering van de kosten die samenhangen met het verblijf bij de andere ouder, voor zijn/haar rekening dient te nemen. Deze kosten worden de kindgebonden verblijfsoverstijgende kosten genoemd.

Het betreft in ieder geval de ‘vaste lasten’ die voor een kind worden voldaan ongeacht waar het kind verblijft, zoals schoolkosten, contributie voor sport en dergelijke. Kosten voor kleding, schoenen en fiets zijn weliswaar variabele lasten, maar er wordt vanuit gegaan dat ook deze kosten dienen te worden beschouwd als kindgebonden vaste lasten.

Verblijfskosten

Naast de verblijfsoverstijgende kosten worden er ten behoeve van kinderen nog zg. verblijfskosten gemaakt door de niet-verzorgende ouder. Hierbij kan bijvoorveeld gedacht worden aan de kosten van eten, drinken en verbruik van water en stroom. Maar ook de kosten van vakanties, uitjes, vervoerskosten en dergelijke vallen hieronder. Bij het berekenen van de draagkracht van de niet-verzorgende ouder wordt met deze kosten rekening gehouden in de vorm van een zorgkorting. De gedachte hierachter is dat de feitelijke zorgverdeling er toe leidt dat de verzorgende ouder voor een deel niet in de behoefte van het kind hoeft te voorzien, omdat de andere ouder daar in natura in voorziet in de periode dat het kind bij hem/haar verblijft.

Kleding en omgang

Zoals hiervoor is aangegeven, dient de verzorgende ouder alle kosten van de kinderen te voldoen. Indirect komen de kosten van kleding voor de kinderen voor rekening van beide ouders. De niet-verzorgende ouder betaalt zijn/haar bijdrage daarin immers door middel van kinderalimentatie.

De wet zegt overigens niets over het meegeven van kleding in het kader van de omgangsregeling. Wel zijn beide ouders volgens de wet verplicht om hun kinderen te verzorgen. Daar hoort ook bij dat beide ouders ervoor dienen te zorgen dat hun kinderen fatsoenlijk gekleed zijn.

Soms ziet de discussie van de ouders zich op de kleren die een kind meekrijgt. De kleding is versleten, te klein, of gewoon niet mooi genoeg. Wil de niet-verzorgende ouder dat de kinderen bij hem/haar thuis in andere kleding rondlopen, dan komt dit voor eigen kosten. Er mogen dan dus niet bedragen op de kinderalimentatie worden ingehouden. Dat laatste mag uiteraard wel als de ouders hierover afspraken hebben gemaakt in hun ouderschapsplan. Houdt u er wel rekening mee dat het voor kinderen heel verwarrend kan zijn om bij zijn ouders van kleding te moeten wisselen?

Blijf als ouders dus vooral denken in het belang van uw kinderen!

Gescheiden ouders en de corona crisis

De afgelopen periode zijn er diverse maatregelen getroffen om de verspreiding van het coronavirus tegen te gaan. Scholen zijn gesloten, maar ook attractieparken en horeca. Geadviseerd wordt om zoveel mogelijk thuis te werken. Sommige mensen hebben helemaal geen inkomsten meer, omdat zij hun werk simpelweg niet meer kunnen uitvoeren. Voor iedereen is er sprake van een onzekere situatie.

Veel gescheiden ouders hebben in deze periode vragen over de omgangsregeling. Moet deze tijdens de corona crisis worden nagekomen? Andere ouders hebben zorgen over de alimentatie, omdat zij bijvoorbeeld als ZZP-er tijdelijk geen inkomsten hebben.

Omgang

Sommige ouders houden hun kinderen in verband met besmettingsgevaar binnen. Het coronavirus is echter geen reden om de kinderen bij de andere ouder weg te houden. Voor kinderen is er al veel veranderd, omdat zij niet naar school kunnen gaan en thuis les krijgen. Het is belangrijk dat zij wel contact met de andere ouder kunnen houden.

Als één van de ouders gezondheidsklachten heeft, kan dit uiteraard wel aanleiding zijn om af te wijken van de gebruikelijke omgangsregeling. In dat geval is het verstandig om in onderling overleg afspraken te maken. Ten aanzien van zieke kinderen geldt: volg het advies van de (huis)arts en vraag of het verstandig is het kind naar de andere ouder te laten gaan.

Woont één van de ouders over de grens, bijvoorbeeld in Duitsland, dan wordt de situatie iets ingewikkelder. In dat geval dient rekening te worden gehouden met de maatregelen in beide landen. Op dit moment raadt het RIVM Nederlanders af om naar het buitenland te reizen, tenzij dit echt noodzakelijk is. De vraag kan rijzen of het nakomen van de omgangsregeling noodzakelijk is. Hierop hebben wij helaas ook geen pasklaar antwoord. Blijf daarom met elkaar in overleg. (Update: Inmiddels is duidelijk geworden dat reizen tussen België en Nederland in verband met co-ouderschap wel is toegestaan.)

Voorlopig is er in Nederland sprake van een zg. ‘intelligente lockdown’. Maar wat nu als er toch een complete lockdown wordt afgekondigd? Bij een complete lockdown mogen mensen zonder goede reden niet over straat. Boodschappen doen, mag uiteraard wel. De kans is aanwezig dat de kinderen dan niet van de ene naar de andere ouder gebracht mogen worden. Hoe hier mee omgegaan zal worden, is op dit moment nog niet te zeggen.

Alimentatie

Ook over alimentatieverplichtingen zijn vragen. Sommige ZZP-ers kunnen hun werkzaamheden niet meer uitvoeren. Mensen met nul uren contracten worden niet meer opgeroepen. Werknemers met tijdelijke contracten krijgen geen contractverlenging. Duidelijk is dat deze crisis de meeste mensen in de portemonnee raakt. Dit heeft uiteraard ook consequenties voor de alimentatie. Als er minder inkomen is, is er minder ruimte om alimentatie te kunnen betalen.

Ook met de huidige crisis dient de afgesproken of door de rechter bepaalde alimentatie in beginsel te worden betaald. Ook als het inkomen (tijdelijk) lager is. Wordt de alimentatie zonder enig overleg niet betaald? Dan kan de alimentatieontvanger contact opnemen met het Landelijk Bureau Inning Onderhoudsbijdrage (LBIO) om de alimentatie te laten incasseren. Voor de alimentatieontvanger is dit gratis. De alimentatieplichtige betaalt de kosten van de inning.

Vooralsnog gaan we er vanuit dat de huidige situatie tijdelijk zal zijn. Daarnaast heeft het kabinet voor diverse groepen mensen inkomensregelingen aangekondigd.

Mocht de situatie van lagere inkomsten veel langer duren, dan is er sprake van relevante wijziging in omstandigheden. In een dergelijk geval is het normaal gesproken mogelijk om wijziging van de alimentatie te verzoeken. Maar, de rechtbanken zijn op dit moment ook gesloten. Advocaten zijn daarnaast opgeroepen om zo min mogelijk nieuwe procedures te starten. Het is onduidelijk hoelang deze situatie zal duren. Een procedure is dus niet de oplossing!

Zijn er door de corona crisis problemen met de betaling van de alimentatie, neem dan contact met de ex-partner op om afspraken te maken. Zo kan er in onderling overleg worden afgesproken dat de alimentatie tijdelijk wordt verlaagd. Leg deze afspraken dan wel schriftelijk vast.

Kortom in deze bijzondere situatie is het als gescheiden ouders van belang om nog meer dan anders met elkaar in gesprek te blijven in het belang van de kinderen.

Kinderalimentatie tijdens de zomervakantie

“Ik betaal maandelijks kinderalimentatie aan mijn ex. De komende drie weken van de vakantie verblijven de kinderen bij mij. We gaan op vakantie naar Frankrijk. Deze vakantie wordt door mij betaald. Kan ik de alimentatie verlagen in de periode dat de kinderen bij mij verblijven?”

Dit is een vraag die mij regelmatig rond de vakantieperiode wordt gesteld. Voordat ik een antwoord op deze vraag zal geven, zal ik eerst kort uitleggen hoe kinderalimentatie wordt berekend. Indien u een uitgebreidere toelichting op de berekening van kinderalimentatie wilt lezen, verwijs ik u naar mijn blog ‘hoe wordt kinderalimentatie berekend‘.

Kinderalimentatie wordt berekend aan de hand van de volgende drie stappen:

  • wat kosten de kinderen (behoefte)?
  • welk bedrag kunnen de ouders missen (draagkracht)?
  • hoe worden kosten van de kinderen over de ouders verdeeld?

Wat kosten de kinderen?

Als eerste dient de behoefte van de kinderen te worden vastgesteld. Dit gebeurt aan de hand van het inkomen dat de ouders samen hadden. Voor de vaststelling van de behoefte van kinderen is door het NIBUD een behoeftetabel ontwikkeld. In de tabel wordt rekening gehouden met (geschatte) kind uitgaven, zoals bijvoorbeeld kosten voor kleding, zakgeld, schoolkosten en lidmaatschappen. Maar ook met gezamenlijke kosten, zoals woonlasten, gas, water en licht. Deze kosten lopen ook door als de kinderen niet bij de verzorgende ouder verblijven. De totale jaarlijkse kosten worden omgerekend naar maandbedragen.

Wat kunnen de ouders missen?

Nadat de behoefte van de kinderen is vastgesteld, wordt bekeken welk bedrag de alimentatieplichtige maandelijks kan missen. Dit is de draagkracht. Er wordt ook rekening gehouden met de draagkracht van verzorgende ouder. Aan de hand van het inkomen en de lasten wordt de draagkracht vastgesteld. Hiervoor wordt een draagkrachttabel gebruikt.

Hoe worden de kosten verdeeld?

Daarna worden de behoefte van de kinderen en de draagkracht van beide ouders met elkaar vergeleken. De behoefte van de kinderen wordt naar rato van de draagkracht van beide ouders verdeeld. Hierbij wordt ook rekening gehouden met de tijd die de kinderen bij de niet verzorgende ouder doorbrengen. Dit gebeurt in de vorm van een zorgkorting. De zorgkorting is afhankelijk van het aantal dagen dat een kind, inclusief de vakanties, bij de niet verzorgende ouder verblijft.

Dit betekent dus dat tijdens de vakantie(s) de kinderalimentatie gewoon doorbetaald moet worden.

Omgang met kleinkinderen

Een scheiding is vaak een treurige gebeurtenis. Niet alleen voor de direct betrokkenen, maar ook voor overige familieleden. In sommige gevallen zien grootouders hun kleinkinderen na een scheiding niet meer. Wat kunnen grootouders doen als zij hun kleinkinderen niet meer mogen zien? Kunnen zij de rechter vragen om een omgangsregeling vast te stellen?

In de wet is vastgelegd dat ouders recht hebben op omgang met hun kind. Voor grootouders is in de wet niet zo’n specifieke bepaling opgenomen. In 2015 heeft het CDA voorgesteld om het recht op omgang tussen grootouders en kleinkinderen in de wet op te nemen. De meerderheid van de Tweede Kamer en de Minister lieten toen weten niets in het plan te zien.

Toch kunnen grootouders de Rechtbank wel verzoeken om een omgangsregeling met hun kleinkinderen vast te stellen. Daarbij dient voldaan te zijn aan enkele voorwaarden. De grootouders moeten eerst aantonen dat er sprake is van een nauwe persoonlijke betrekking met hun kleinkinderen. Als de rechter vaststelt dat er sprake is van een nauwe persoonlijke betrekking, moet de rechter beoordelen of een omgangsregeling het belang van het kind is. Wordt de nauwe persoonlijke betrekking niet aangetoond, dan wordt het verzoek van de grootouders niet ontvankelijk verklaard. Dat betekent dat het verzoek verder niet inhoudelijk behandeld wordt.

Wat is nu precies die nauwe persoonlijke betrekking?

Uit uitspraken van rechters van de afgelopen jaren blijkt dat een normale band tussen grootouders en hun kleinkinderen niet voldoende is om een nauwe persoonlijke betrekking aan te nemen. Af en toe logeren of oppassen leidt niet tot een nauwe persoonlijke betrekking. Voor een nauwe persoonlijke betrekking is bijvoorbeeld vereist dat de grootouders structureel op hun kleinkinderen hebben gepast. Er is dus meer nodig dan normaal contact. Zolang de grootouders geen frequent contact met hun kleinkinderen hebben gehad, is het dus niet mogelijk om contact via de rechter af te dwingen. De grootouders zijn dan afhankelijk van de bereidheid van de ouders om mee te werken aan contact.

De inhoudelijke behandeling van het verzoek.

Als de rechtbank de grootouders ontvankelijk heeft verklaard in hun verzoek, komt de rechtbank toe aan een inhoudelijke beoordeling. De rechter zal dan kijken of omgang in het belang van het kind is. Er zal niet snel een omgangsregeling tussen grootouders en kleinkinderen worden vastgelegd als de ouders in onmin leven met de grootouders. Als er sprake is van een vechtscheiding tussen de ouders, kan een kind klem zitten in de strijd tussen de ouders. Een omgangsregeling met de grootouders kan in dat geval een extra belasting zijn en daarom worden afgewezen. De rechter kijkt dus naar het belang van de grootouders bij contact met hun kleinkinderen en welke gevolgen de omgang mogelijk op de kinderen heeft.

5 misverstanden over omgang

Over omgangsregelingen bestaan diverse misverstanden. In deze blog een top 5 van misverstanden over omgang.

1. Het kind heeft een beslissende stem 

Het is een groot misverstand dat de stem van het kind doorslaggevend is bij de omgangsregeling. Kinderen ouder dan 12 jaar worden door de kinderrechter gehoord worden. Zij krijgen een brief, waarbij ze worden uitgenodigd voor een gesprek met de rechter. Kinderen jonger dan 12 jaar kunnen worden gehoord, maar meestal gebeurt dit niet.

De verklaring van het kind wordt meegenomen in de besluitvorming, maar is niet doorslaggevend. Rechters willen namelijk niet dat een kind tussen beide ouders moet kiezen. Wel is het zo dat hoe ouder een kind is, hoe meer betekenis er aan de verklaring van het kind gehecht wordt. Meer over dit onderwerp kunt u lezen in deze blog.

2. Geen alimentatie = geen omgang 

Vaak wordt ten onrechte gedacht dat de omgangsregeling en de alimentatieverplichting na een scheiding aan elkaar gekoppeld zijn. Maar, alimentatie is geen voorwaarde voor omgang. Oftewel, alimentatie is geen kijkgeld. Ook als er geen alimentatie wordt betaald, bestaat er na een scheiding recht op omgang.

3. Alleen ouders hebben recht op omgang 

De ouders van een kind hebben recht op omgang, maar er zijn nog meer mensen die kunnen verzoeken om een omgangsregeling. Daarvoor is wel vereist dat er sprake is van een nauwe persoonlijke band en/of dat er in gezinsverband is samengewoond. Dit geldt bijvoorbeeld voor een stiefouder of grootouders. Lees ook mijn blog over omgang tussen grootouders en kleinkinderen.

4. De verzorgende ouder beslist

Ten onrechte wordt weleens gedacht dat de verzorgende ouder alle beslissingen over het kind mag nemen. Als er sprake is van gezamenlijk gezag dienen belangrijke beslissingen in het leven van een kind door de ouders gezamenlijk gemaakt te worden. Ook als de verzorgende ouder met het kind wil verhuizen, heeft deze de toestemming nodig van de andere gezaghebbende ouder. Een verhuizing kan namelijk gevolgen hebben voor de omgangsregeling. Een verzorgende ouder kan dus niet zomaar verhuizen. Meer over het onderwerp ‘verhuizen na scheiding’ leest u in deze blog.

5. Co-ouderschap en gezamenlijk gezag zijn hetzelfde

Ik krijg vaak mensen in mijn praktijk, die zeggen dat ze na de scheiding co-ouderschap willen. Als ik dan doorvraag wat ze daaronder verstaan, geven ze aan dat ze samen beslissingen over de kinderen willen blijven nemen en dat het de bedoeling is dat de niet verzorgende ouder de kinderen een weekend per veertien dagen ziet. Maar, dit is geen co-ouderschap. Co-ouderschap is een regeling waarbij de ouders de zorg over de kinderen bij helfte verdelen. Kortom, de kinderen verblijven bijvoorbeeld de ene week bij hun moeder en de andere week bij hun vader. Het recht om gezamenlijk beslissingen te nemen, vloeit voort uit het gezamenlijk gezag.

Vaderdag en het leed dat omgangsregeling heet

Gekleide asbakken, prachtige kunstwerken en als het een beetje meezit ook nog ontbijt op bed: voor veel vaders een bekend scala aan verwennerijen op Vaderdag. Maar er zijn ook vaders die Vaderdag zonder hun kind moeten doorbrengen. En zo zijn er ook moeders die dat overkomt op Moederdag.

De oorzaak is in veel gevallen het gebrek aan contact met het kind in zijn algemeenheid, dus niet alleen op Vaderdag c.q. Moederdag. Hoewel de wet uitgaat van gelijkwaardig ouderschap, is deze gelijkwaardigheid in sommige gevallen ver te zoeken.

Helaas zijn er legio gevallen bekend waarin de ouders niet over hun onderlinge strijd en/of gebeurtenissen uit het verleden heen kunnen stappen. Op ex-partnerniveau gaat de strijd dan door. Soms met desastreuze gevolgen voor het contact van het kind met één van de ouders. In dit artikel van de Volkskrant wordt aandacht besteed aan deze schrijnende situaties. Hoewel dit artikel uitgaat van de situatie waarin de vader het kind niet ziet, komt de omgekeerde situatie ook voor. Toegegeven, de nog steeds veel voorkomende traditionele rolverdeling zorgt er wel voor dat dit bij vaders vaker voorkomt dan bij moeders.

Of het nu de vader of de moeder is die het kind niet ziet: voor beiden geldt hetzelfde advies. Een simpel, maar belangrijk advies: wacht niet te lang!

Mijn ervaring is dat wanneer ouders eerst afwachten of de situatie verbetert, er maanden en soms jaren voorbij gaan, terwijl er niets verandert. Ondertussen raken ouder en kind steeds meer van elkaar vervreemd. Het kind kan zich steeds meer gaan afzetten tegen de ouder waarmee geen contact is. Zeker bij oudere kinderen (met name tieners) is dit risico heel groot. Indien de ouder waarmee geen contact plaatsvindt dan pas een procedure start om toch weer contact af te dwingen, is een dergelijke procedure een stuk minder kansrijk dan wanneer er direct actie was ondernomen. Zeker bij oudere kinderen speelt het een rol dat zij steeds moeilijker ‘gedwongen’ kunnen worden om contact te hebben. Wanneer er al langere tijd geen contact plaatsvindt, is bij het kind de weerstand tegen contact ook groter.

Overkomt het u dat uw kind bij u weggehouden wordt? Trek dan zo snel mogelijk aan de bel. Een advocaat kan u adviseren over de te kiezen strategie en zo nodig een kort geding voor u starten. Wanneer het contact nog maar kort is verbroken en er geen contra-indicaties zijn voor contact, is de kans groot dat de ouder die het contact niet toestaat alsnog wordt veroordeeld om dit wel te doen. Als de rechter dat noodzakelijk acht kan er zelfs een dwangsom (een soort boete) aan gekoppeld worden. In veel gevallen worden de ouders dan ook doorverwezen naar hulpverlening om zo te proberen de ouders weer op één lijn te krijgen.