Categoriearchief: In het nieuws

Terugvordering bijstandsuitkering na ontvangen boodschappen. Terecht?

Afgelopen maandag werd op sociale media veelvuldig commentaar geleverd op een uitspraak van de bestuursrechter (uit 2019!) over een kwestie, waarbij een vrouw ruim € 7.000,- aan bijstand moest terugbetalen aan de gemeente Wijdemeren. Via sociale media werden medewerkers van de betreffende gemeente o.a. ziektes toegewenst. Ook vanuit de politiek kwamen opvallend veel verontwaardigde reacties op de uitspraak van de rechter. Maar was dat laatste eigenlijk wel terecht? Wat speelde er?

De vrouw kreeg vanaf december 2015 een bijstandsuitkering. Zij kon door haar hoge lasten niet rondkomen. Om haar te ondersteunen haalde haar moeder één keer per week voor haar boodschappen.

Bij de gemeente werd een anonieme melding gedaan. Dit melding was aanleiding voor een onderzoek. Uit dit onderzoek bleek vervolgens dat de vrouw boodschappen van haar moeder cadeau kreeg. De vrouw had dit niet aan de gemeente doorgegeven. In december 2018 heeft de gemeente daarom een bedrag van ruim € 7.000,- teruggevorderd.

De vrouw was het daarmee niet eens en maakte bezwaar. De gemeente wees het bezwaar af. De vrouw stelde vervolgens beroep in bij de rechtbank. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond. De gemeente had dus terecht een bedrag van ruim € 7.000,- terug gevorderd. (De volledige uitspraak kunt u hier nalezen.)

Terug naar de verontwaardigde berichten vanuit de politiek. Deze zijn op zijn zachtst gezegd opmerkelijk te noemen. De rechter voerde immers slechts een wet uit, die door diezelfde politieke partijen is ingevoerd.

In Nederland is sprake van scheiding der machten, de zg. trias politica. De staat is opgedeeld in drie organen die elkaars functioneren bewaken. Het gaat daarbij om de wetgevende macht, de uitvoerende macht en de rechtsprekende macht. De wetgevende macht bepaalt de wetten en regels in een land. De uitvoerende macht voert deze wetten uit. De rechterlijke macht vervolgt mensen die de wetten overtreden.

In Nederland vormen de Eerste en de Tweede Kamer en de regering samen de wetgevende macht. De uitvoerende macht wordt gevormd door de regering. De rechtsprekende macht bestaat o.a. uit de rechtbanken, gerechtshoven en de Hoge Raad.

De regering maakt wetten in samenwerking met de Eerste en Tweede Kamer. Een wet begint met een wetsvoorstel. Een wetsvoorstel wordt altijd door de Eerste en Tweede Kamer behandeld. En wie zitten er in de Eerste en Tweede Kamer? Juist, de leden van diverse politieke partijen. (Wilt u meer weten hoe een wet tot stand komt? Leest u dan dit.)

De vrouw uit het nieuwsbericht ontving een bijstandsuitkering. Dit is geregeld in de Participatiewet.

De Participatiewet is per 1 januari 2015 ingevoerd. Het uitgangspunt van de Participatiewet is dat iedereen naar vermogen participeert aan de samenleving en zoveel mogelijk in het eigen onderhoud voorziet.

In de Participatiewet is een inlichtingenplicht opgenomen. Deze houdt in dat een uitkeringsgerechtigde alles aan de gemeente moet melden wat van belang kan zijn voor het recht op de bijstandsuitkering. Denk daabij bijvoorbeeld aan informatie over werk, inkomsten en de woonsituatie. En daar ging het mis in de zaak van de vrouw uit het nieuwsbericht. Zij had verzuimd aan de gemeente door te geven dat zij boodschappen van haar moeder ontving. Niet het feit dat zij deze boodschappen ontving was aanleiding voor de beslissing van de gemeente, maar het feit dat zij dit had verzwegen. De wekelijkse boodschappen leverden haar een op geld waardeerbaar voordeel op dat voor de hoogte van haar uitkering van belang kon zijn.

De gemeente, maar ook de rechter, heeft in deze zaak de regels in de Participatiewet gevolgd. In de Participatiewet is namelijk opgenomen dat de gemeente de kosten van bijstand dient terug te vorderen wanneer de inlichtingenverplichting niet wordt nagekomen. Hier mag alleen van worden afgezien bij dringende redenen. Hierbij kan gedacht worden aan een situatie waarbij iemand op straat zou komen te staan.

De rechter heeft dus geen bevoegdheid om te beoordelen of de maatregel redelijk is! De rechter kan enkel toetsen of de gemeente tot het juiste besluit is gekomen. Dat was in deze zaak het geval.

Conclusie

Hoe vervelend deze uitspraak ook voor deze mevrouw is uitgevallen, de bestuursrechter heeft de wet toegepast, die door de politiek is bedacht. De rechter gaat niet over de letter van de wet. Immers, de rechtsprekende macht toetst alleen de regels die wetgevende macht heeft bedacht.

Als men wil dat er andere regels worden toegepast, dan is de wetgevende macht aan zet.

Corona en vervangende toestemming voor vaccinaties

Als alles meezit, worden begin 2021 de eerste mensen in Nederland ingeënt tegen het coronavirus. Toch zijn er ook nog veel onduidelijkheden. Eerst moeten de coronavaccins worden goedgekeurd en toegelaten in Europa. Dan is nog de vraag hoeveel vaccins geleverd kunnen worden én of zij voor alle doelgroepen geschikt zijn. Er is bijvoorbeeld nog meer onderzoek nodig naar de werking en veiligheid van een vaccin bij kinderen. De meningen over het wel of niet vaccineren zijn behoorlijk verdeeld.

Bij het lezen van reacties onder nieuwsberichten over corona valt op dat mensen corona moe zijn en/of vinden dat het kabinet mensen juist onnodig bang maakt. Ook geven veel mensen aan zich niet te zullen laten vaccineren, omdat zij van mening zijn dat de vaccinaties juist bedoeld zijn om mensen ziek te maken. De discussie wel of niet vaccineren zal zich ongetwijfeld ook bij (gescheiden) ouders voordoen.

Wat nu als er een geschikt coronavaccin beschikbaar komt voor kinderen en ouders kunnen het niet eens worden over het vaccineren van hun kind(eren)?

Bij de beantwoording van die vraag is het belangrijk om te weten wie het gezag heeft. Heeft slechts één van de ouders het gezag, dan mag die ouder de beslissing nemen. Als de ouders samen het gezag hebben, moeten de ouders samen beslissen. Lukt dat niet? In dat geval is het mogelijk om vervangende toestemming aan de Rechtbank te verzoeken. Als de rechter het verzoek toewijst, wordt de toestemming van de andere ouder vervangen door de beslissing van de rechter.

Het vragen van vervangende toestemming kan overigens niet alleen bij geschillen over coronavaccinaties, maar voor alle zg. gezagsgeschillen. Een gezagsgeschil is een geschil waarbij de ouders het niet eens kunnen worden over een belangrijke beslissing aangaande hun kind(eren). Een dergelijk geschil kan bijvoorbeeld gaan over een schoolkeuze, maar ook over de deelname aan het rijksvaccinatieprogramma. Het gaat bij dergelijke zaken altijd om een belangenafweging. Het belang van het kind is daarbij doorslaggevend.

Ten aanzien van het rijksvaccinatieprogramma is bijvoorbeeld in meerdere rechterlijke uitspraken overwogen dat dit tot doel heeft om jonge kinderen te beschermen tegen schadelijke ziekten. Daarbij wordt tevens overwogen dat het een feit van algemene bekendheid is dat het gevoerde overheidsbeleid door medici breed wordt gedragen en dat het overgrote deel van de bevolking dit overheidsbeleid steunt en kinderen daaraan laat deelnemen. Daaraan doet niet af dat er ook deskundigen zijn die daar kritisch tegenover staan. Het rijksvaccinatieprogramma wordt daarom in het belang van een kind geacht.

Over het algemeen weegt het belang van een ouder om een kind te laten vaccineren dan ook zwaarder dan het belang van de andere ouder, die het kind niet wenst te laten vaccineren. Dit zal ongetwijfeld ook voor het coronavaccin gaan gelden.

Op vakantie naar een land met een negatief reisadvies door corona?

Vanwege een stijging in het aantal corona besmettingen is het reisadvies voor Barcelona en omgeving gisteren gewijzigd in code ‘oranje’. Ook voor Kroatië veranderde het reisadvies vorige week van code ‘geel’ naar ‘oranje’.

Een code ‘geel’ betekent dat er veiligheidsrisico’s zijn. Een code ‘oranje’ betekent dat alleen noodzakelijke reizen zijn toegestaan. Een vakantie wordt niet gezien als een noodzakelijke reis.

Een code ‘oranje’ of ‘rood’ wordt gezien als een negatief reisadvies. De reisadviezen zijn niet bindend. Of iemand afreist naar een land met een negatief reisadvies, blijft zijn of haar eigen verantwoordelijkheid.

Wat zijn de mogelijke gevolgen van een reis naar een land met een negatief reisadvies?

Gaat u op vakantie naar een land met een negatief reisadvies voor vertrek? Dan dekt uw reisverzekering mogelijk niet bij onvoorziene gebeurtenissen.

Wie naar een land met een negatief reisadvies reist, wordt dringend geadviseerd om bij terugkomst twee weken in thuisquarantaine te gaan. Dit betekent ook dat iemand dan niet naar het werk kan. Dat zal niet zo’n probleem zijn voor iemand met een kantoorbaan, die vanuit huis kan werken. Maar, dit levert wel problemen op voor bijvoorbeeld iemand die werkzaam is in de zorg. Als een werknemer bewust het risico neemt om naar een gebied te gaan met een negatief reisadvies, dan mag de werkgever het loon inhouden over de periode dat er geen werkzaamheden verricht kunnen worden. Een werkgever mag een werknemer niet verplichten om vakantiedagen op te nemen over de periode van de quarantaine.

Het dringende advies voor quarantaine geldt ook voor kinderen ouder dan 12 jaar. Het Ministerie van Onderwijs heeft inmiddels aangegeven dat thuisquarantaine na een vakantie geen geldige reden voor schoolverzuim is. Quarantaine wordt in dat geval gezien als spijbelen. Dit betekent dat ouders een boete riskeren in verband met het overtreden van de Leerplichtwet.

Basisschoolleerlingen jonger dan 12 jaar zijn uitgesloten van de geadviseerde quarantaine, maar mogen niet door hun ouders naar school worden gebracht.

Wat als het reisadvies tijdens de reis verandert van code ‘geel’ naar ‘oranje’?

Mocht het reisadvies tijdens de vakantie veranderen, dan dekken de meeste reisverzekeringen onvoorziene gebeurtenissen.

Als het reisadvies tijdens de reis wijzigt, wordt na afloop van de reis eveneens thuisquarantaine geadviseerd. In dit geval mag de werkgever niet zomaar het salaris inhouden als de werknemer geen werkzaamheden kan verrichten. De werknemer heeft namelijk niet bewust een risico genomen; hij wist niet dat hij bij terugkomst in quarantaine zou moeten.

Voor een boete op grond van de Leerplichtwet maakt het overigens niet uit of een land voor vertrek een negatief reisadvies had, of dat dit tijdens het verblijf wijzigde.

Gescheiden ouders en de corona crisis

De afgelopen periode zijn er diverse maatregelen getroffen om de verspreiding van het coronavirus tegen te gaan. Scholen zijn gesloten, maar ook attractieparken en horeca. Geadviseerd wordt om zoveel mogelijk thuis te werken. Sommige mensen hebben helemaal geen inkomsten meer, omdat zij hun werk simpelweg niet meer kunnen uitvoeren. Voor iedereen is er sprake van een onzekere situatie.

Veel gescheiden ouders hebben in deze periode vragen over de omgangsregeling. Moet deze tijdens de corona crisis worden nagekomen? Andere ouders hebben zorgen over de alimentatie, omdat zij bijvoorbeeld als ZZP-er tijdelijk geen inkomsten hebben.

Omgang

Sommige ouders houden hun kinderen in verband met besmettingsgevaar binnen. Het coronavirus is echter geen reden om de kinderen bij de andere ouder weg te houden. Voor kinderen is er al veel veranderd, omdat zij niet naar school kunnen gaan en thuis les krijgen. Het is belangrijk dat zij wel contact met de andere ouder kunnen houden.

Als één van de ouders gezondheidsklachten heeft, kan dit uiteraard wel aanleiding zijn om af te wijken van de gebruikelijke omgangsregeling. In dat geval is het verstandig om in onderling overleg afspraken te maken. Ten aanzien van zieke kinderen geldt: volg het advies van de (huis)arts en vraag of het verstandig is het kind naar de andere ouder te laten gaan.

Woont één van de ouders over de grens, bijvoorbeeld in Duitsland, dan wordt de situatie iets ingewikkelder. In dat geval dient rekening te worden gehouden met de maatregelen in beide landen. Op dit moment raadt het RIVM Nederlanders af om naar het buitenland te reizen, tenzij dit echt noodzakelijk is. De vraag kan rijzen of het nakomen van de omgangsregeling noodzakelijk is. Hierop hebben wij helaas ook geen pasklaar antwoord. Blijf daarom met elkaar in overleg. (Update: Inmiddels is duidelijk geworden dat reizen tussen België en Nederland in verband met co-ouderschap wel is toegestaan.)

Voorlopig is er in Nederland sprake van een zg. ‘intelligente lockdown’. Maar wat nu als er toch een complete lockdown wordt afgekondigd? Bij een complete lockdown mogen mensen zonder goede reden niet over straat. Boodschappen doen, mag uiteraard wel. De kans is aanwezig dat de kinderen dan niet van de ene naar de andere ouder gebracht mogen worden. Hoe hier mee omgegaan zal worden, is op dit moment nog niet te zeggen.

Alimentatie

Ook over alimentatieverplichtingen zijn vragen. Sommige ZZP-ers kunnen hun werkzaamheden niet meer uitvoeren. Mensen met nul uren contracten worden niet meer opgeroepen. Werknemers met tijdelijke contracten krijgen geen contractverlenging. Duidelijk is dat deze crisis de meeste mensen in de portemonnee raakt. Dit heeft uiteraard ook consequenties voor de alimentatie. Als er minder inkomen is, is er minder ruimte om alimentatie te kunnen betalen.

Ook met de huidige crisis dient de afgesproken of door de rechter bepaalde alimentatie in beginsel te worden betaald. Ook als het inkomen (tijdelijk) lager is. Wordt de alimentatie zonder enig overleg niet betaald? Dan kan de alimentatieontvanger contact opnemen met het Landelijk Bureau Inning Onderhoudsbijdrage (LBIO) om de alimentatie te laten incasseren. Voor de alimentatieontvanger is dit gratis. De alimentatieplichtige betaalt de kosten van de inning.

Vooralsnog gaan we er vanuit dat de huidige situatie tijdelijk zal zijn. Daarnaast heeft het kabinet voor diverse groepen mensen inkomensregelingen aangekondigd.

Mocht de situatie van lagere inkomsten veel langer duren, dan is er sprake van relevante wijziging in omstandigheden. In een dergelijk geval is het normaal gesproken mogelijk om wijziging van de alimentatie te verzoeken. Maar, de rechtbanken zijn op dit moment ook gesloten. Advocaten zijn daarnaast opgeroepen om zo min mogelijk nieuwe procedures te starten. Het is onduidelijk hoelang deze situatie zal duren. Een procedure is dus niet de oplossing!

Zijn er door de corona crisis problemen met de betaling van de alimentatie, neem dan contact met de ex-partner op om afspraken te maken. Zo kan er in onderling overleg worden afgesproken dat de alimentatie tijdelijk wordt verlaagd. Leg deze afspraken dan wel schriftelijk vast.

Kortom in deze bijzondere situatie is het als gescheiden ouders van belang om nog meer dan anders met elkaar in gesprek te blijven in het belang van de kinderen.

Strafpiket #ikpiketnietlanger

De hashtag #ikpiketnietlanger was de afgelopen week ‘trending topic‘ op Twitter. Aanleiding: een oproep in de advocatuur om de eerste twee weken van 2020 als verhinderd op te geven voor piketdiensten. De bedoeling? Een hogere vergoeding. Een aantal van de reacties was niet mals. Advocaten zijn toch grootverdieners? Die hoeven toch geen actie te voeren voor nog meer geld? Bij deze een toelichting op de actie #ikpiketnietlanger.

Wat is piket?

Tijdens een piketdienst kan een medewerker worden opgeroepen om werkzaamheden te verrichten bij calamiteiten. Piket is dus een soort oproepdienst.

Advocaten kunnen verschillende soorten piketdiensten hebben. Zo zijn er bijvoorbeeld piketadvocaten in het strafrecht. Deze verlenen rechtsbijstand aan aangehouden verdachten. Ook zijn er piketadvocaten in het vreemdelingenrecht, die vreemdelingen bij staan van wie de vrijheid is ontnomen. Daarnaast zijn er piketadvocaten die psychiatrische patiënten bijstaan als zij in bewaring worden gesteld door de burgemeester.

Een centrale piketafdeling van de Raad voor Rechtsbijstand is verantwoordelijk voor de planning van de roosters. Advocaten kunnen de Raad voor Rechtsbijstand laten weten op welke dagen zij niet beschikbaar zijn voor piket.

Advocaten zijn niet verplicht om deel te nemen aan een piketregeling.

De actie “ik pik ‘et niet langer” is in het leven geroepen door een strafrecht advocaat. Daarom hieronder een nadere uitleg over het strafpiket.

Strafpiket

Een advocaat die strafpiket heeft, dient van 07.00 uur tot 20.00 uur stand-by te staan. Ook in het weekend zijn er piketdiensten. Van tevoren is niet duidelijk of en hoeveel piketmeldingen er binnen komen. Als er een melding binnenkomt, dient de piketadvocaat binnen 2 uur op het politiebureau te verschijnen, waar de verdachte wordt vastgehouden. Voor advocaten in de provincie Drenthe betekent dit dat zij in de meeste gevallen naar het politiebureau in Assen moeten reizen.

Piketadvocaten kunnen om drie verschillende redenen worden opgeroepen:

  • consultatiebijstand. Een gesprek tussen advocaat en verdachte voorafgaand aan het eerste politieverhoor.;
  • verhoorbijstand. De aanwezigheid van de advocaat bij het politieverhoor;
  • inverzekeringstelling van de verdachte. Kort gezegd: als de verdachte nog langer op het politiebureau moet blijven.;

Voor consultatiebijstand ontvangt een advocaat ongeveer € 75,00. Als de advocaat daarna voor een inverzekeringstelling moet terugkomen, ontvangt deze daarvoor ook ongeveer € 75,00. Hoeft de advocaat alleen voor de inverzekeringstelling naar het politiebureau? Dan ontvangt deze ongeveer € 150,00. De reistijd van en naar het politiebureau wordt niet vergoed!

Voor bijstand aan een (volwassen) verdachte bij het verhoor, ontvangt de advocaat ongeveer € 150,00. Dit is ongeacht de duur van het verhoor en de hoeveelheid verhoren. Sommige verhoren kunnen uren of zelfs meerdere dagen duren.

De piketregeling is gratis voor verdachten. De kosten worden betaald door de overheid.

#ikpiketnietlanger

De actie #ikpiketnietlanger is in het leven geroepen, omdat de advocaten ontevreden zijn over de hoogte van de ontvangen vergoedingen. Maar ook vanwege de afbraak van het stelsel van de door de overheid gefinancierde rechtsbijstand. Ook wel de sociale advocatuur genoemd. Als het aan de Minister ligt, is een advocaat straks alleen nog weg gelegd voor mensen met geld. Hierover schreef ik al eerder een artikel.

De ontevredenheid geldt dus niet alleen voor de piketvergoedingen, maar voor de vergoedingen binnen de sociale advocatuur in het algemeen. In een onderzoeksrapport uit 2017 is bevestigd dat de vergoedingen ver onder de maat zijn. Alle piketadvocaten zijn daarom opgeroepen om de eerste twee weken van januari 2020 als verhinderd op te geven. De Nederlandse Orde van Advocaten ondersteunt deze actie.

Piketadvocaten moesten voor 1 oktober jl. hun beschikbaarheid voor het eerste half jaar 2020 doorgegeven. In Friesland, Groningen en Drenthe heeft 100% van de advocaten de eerste twee weken van 2020 als verhinderd opgegeven. Volgens de Raad voor Rechtsbijstand heeft circa 85% van de Nederlandse piketadvocaten aangegeven niet beschikbaar te zijn voor piketdiensten in de eerste twee weken van 2020. In deze periode zijn er dus nauwelijks advocaten beschikbaar voor verdachten, psychiatrisch patiënten en vreemdelingen.

Met de actie hopen de advocaten de Minister voor Rechtsbescherming onder druk te zetten om de vergoedingen voor sociaal advocaten te verhogen. Afgelopen zomer zijn diverse jeugdstrafrechtadvocaten met het jeugdpiket gestopt vanwege de vergoedingen. Daarop besloot de Minister de vergoeding voor jeugdpiket te verhogen. Deze advocaten krijgen nu per verhoor van minderjarigen een vergoeding krijgen. Dit is nog steeds ongeacht de duur van het verhoor, dat soms meerdere uren kan duren.

Euthanasie op demente vrouw. Vrijspraak?

Twee dagen geleden stonden de kranten er vol mee, de uitspraak van de Rechtbank Den Haag over euthanasie op een demente vrouw. Een greep uit de krantenkoppen:

  • ‘Euthanasie bij demente vrouw was geen moord’
  • ‘Arts vrijgesproken: euthanasie demente vrouw zorgvuldig’
  • ‘Rechter bepaalt: was euthanasie bij demente vrouw moord?’

Een spraakmakende zaak. Het was de eerste keer dat een rechter zich moest buigen over de rol van een arts bij euthanasie op mensen met dementie. Maar, sommige media bleken de uitspraak niet helemaal goed begrepen te hebben. Daarover later meer.

Wat is euthanasie?

Euthanasie betekent dat een arts het leven van een patiënt op zijn of haar verzoek beëindigt. Dit mag alleen bij uitzichtloos en ondraaglijk lijden van de patiënt. De arts gebruikt hiervoor medicijnen. Eerst wordt de patiënt met een slaapmiddel in coma gebracht. Daarna dient de arts een middel toe waardoor de ademhaling stopt. Het hart krijgt dan geen zuurstof meer en stopt na een tijdje met kloppen.

Euthanasie is in beginsel strafbaar, tenzij de arts conform bepaalde zorgvuldigheidseisen heeft gehandeld.

Waar gaat de uitspraak van de Rechtbank Den Haag over?

Op 22 april 2016 had de verdachte, een arts, het leven van een 74-jarige demente vrouw beëindigd. Het Openbaar Ministerie bracht de zaak voor de rechter. De rechtbank moest beoordelen of de vrouw een uitdrukkelijk en ernstig verlangen had om haar leven te laten beëindigen. Als die vraag met “nee” zou worden beantwoord, moest de rechtbank beoordelen of er sprake was van moord. Als die vraag met “ja” zou worden beantwoord, moest de rechtbank nagaan of de arts zorgvuldig had gehandeld.

Wat waren de feiten?

Het betrof een vrouw die in oktober 2012 hoorde dat zij dementie type Alzheimer had. Kort daarop tekende zij een euthanasieverzoek met dementieclausule. In januari 2015 tekende ze een herziene dementieclausule. Hieruit bleek dat zij bij vergevorderde dementie niet in een verpleeghuis wilde worden opgenomen. De euthanasiewens had zij besproken met haar man en dochter, maar o.a. ook met haar huisarts. Haar artsen waren van mening dat zij wilsbekwaam was toen zij de de euthanasieverklaring en dementieclausules tekende.

Een paar maanden daarna ging de vrouw hard achteruit en werd ze opgenomen in een verpleeghuis. De arts in het verpleeghuis hoorde van de echtgenoot van de vrouw dat er een euthanasieverzoek met dementieclausule was. Op dat moment wist de vrouw zelf de betekenis van euthanasie niet meer. Op basis van het eerdere euthanasieverzoek werd onderzocht of het mogelijk was euthanasie te plegen. Dit werd besproken met de huisarts en de naaste familie van de vrouw. Ook werd er overlegd met het behandelteam van het verpleeghuis, de psycholoog van de vrouw en een consulent van het Expertisecentrum Euthanasie. Daarnaast werd de vrouw geobserveerd. De arts had over de toestand van de vrouw ook het oordeel van twee onafhankelijke artsen ingewonnen. Zij oordeelden, na contact met en observatie van de vrouw, dat het euthanasieverzoek aan alle wettelijke eisen voldeed.

De uitspraak van de Rechtbank

De rechtbank stelt in het vonnis dat het Openbaar Ministerie het recht had om de arts te vervolgen. De rechtbank oordeelde dat de arts de actuele stervenswens niet hoefde te verifiëren. De patiënte was diep dement en volledig wilsonbekwaam. Er was dus geen sprake van moord. De arts heeft zich aan alle voorwaarden van de wet gehouden. De arts is daarom ontslagen van alle rechtsvervolging.

Wat is ontslag van rechtsvervolging?

Ontslag van rechtsvervolging is geen vrijspraak, zoals sommige media onterecht hebben bericht. Ontslag van alle rechtsvervolging houdt in dat de rechter van mening is dat het ten laste gelegde strafbare feit wel bewezen is, maar dat er geen veroordeling kan volgen. Kortom, het strafbare feit is wel bewezen, maar er wordt geen straf opgelegd.

Bij een vrijspraak acht de rechter niet wettig en overtuigend bewezen dat de verdachte het ten laste gelegde strafbare feit heeft begaan. Kortom, het strafbare feit is niet bewezen.

Voor een verdachte zal het overigens weinig uitmaken of er sprake is van vrijspraak of ontslag van alle rechtsvervolging. De strafvervolging is afgelopen en de verdachte hoeft geen nieuwe vervolging te vrezen.

Een X in het paspoort: hoe zit dat?

In de afgelopen periode is het in de media een aantal keren aan de orde geweest: mensen die geen aanduiding ‘man’ of ‘vrouw’ in hun paspoort wensen, maar ‘een kruisje’. Hoe zit dit nu en hoe krijg je dat nou voor elkaar? In deze blog leg ik dat uit.

Waarom?

Om te beginnen: de geslachtsaanduiding in het paspoort staat niet op zichzelf, maar komt voort uit de informatie op de geboorteakte. Met andere woorden: als je je geslachtsaanduiding veranderd wilt zien moet je geboorteakte worden aangepast.

De wens om een kruisje in het paspoort te krijgen komt (meestal) voort uit het feit dat die persoon zich geen man en geen vrouw voelt. Dit wordt veroorzaakt door ‘genderdysforie’, een psychiatrische diagnose.

Genderdysforie kent verschillende verschijningsvormen. De bekendste is ‘transgender’. Als transgender voelt een geboren man zich vrouw of andersom. Voor deze mensen is het sinds 2014 (zelfs zonder geslacht veranderende operatie) mogelijk om de geslachtsaanduiding te  wijzigen. De voornaam kan dan ook direct worden gewijzigd. Voor informatie hierover verwijs ik naar deze link.

Minder bekend is de vorm waarbij de persoon zich geen man, maar ook geen vrouw voelt. Dit wordt ‘non-binair’ of ‘genderneutraal’ genoemd. Voor deze mensen is het minder makkelijk om in het paspoort de vermelding te verkrijgen die overeenkomt met het gevoel van ‘geen man en geen vrouw zijn’.

Ontwikkelingen rechtspraak

Bij uitspraak van 28 mei 2018 heeft de Rechtbank Limburg een uitspraak gedaan waardoor dit nu wel mogelijk is geworden. In die zaak ging het om een persoon die met een intersekseconditie (zowel mannelijke als vrouwelijke geslachtskenmerken) is geboren. Na een lange weg kwam deze persoon tot de conclusie zich geen man én geen vrouw te voelen.

De Rechtbank heeft in die zaak diverse ontwikkelingen betrokken, zowel de maatschappelijke als juridische, zowel nationaal als internationaal. De Rechtbank heeft vervolgens beslist dat de betrokkene een nieuwe geboorteakte moest krijgen met de vermelding ‘het geslacht is niet kunnen worden vastgesteld’. Hierdoor wordt op de geboorteakte dan ook niet langer de aanduiding ‘man/vrouw’ vermeld maar wordt als het ware geen geslacht in gevuld. Dit vertaalt zich naar een ‘X’ in het paspoort.

Deze uitspraak heeft niet alleen voor personen met een intersekseconditie deze vermelding mogelijk gemaakt. Het is ook mogelijk voor mensen die lijden aan genderdysforie. Dit betekent dat het dus niet nodig is dat de betrokkene beide geslachtskenmerken heeft. De Rechtbank heeft overwogen dat er gekeken moet worden naar de genderbeleving. Het gaat dus niet om de lichamelijke kenmerken. Dit is immers ook het geval bij aanpassing van het geslacht van een transgender, omdat daarbij de eis van fysieke aanpassing is komen te vervallen.

Procedure

Na deze uitspraak werd in de politiek aangegeven dat dit – net als bij transgenders – makkelijker gemaakt zou worden. De wet moet daarvoor worden aangepast, maar hiervan is tot nu toe nog niets terecht gekomen. Totdat de wet veranderd wordt zullen personen die hun geboorteakte aangepast willen hebben toch naar de rechter moeten. Voor zo’n procedure heb je een advocaat nodig die een verzoekschrift indient. Daarin wordt de rechter gevraagd om te beslissen dat de (oorspronkelijke) geboorteakte door de gemeente moet worden doorgehaald en dat er een nieuwe geboorteakte moet worden opgemaakt met de vermelding ‘het geslacht is niet kunnen worden vastgesteld’. De gemeente mag hiertegen verweer voeren. Eigenlijk is er helemaal geen wettelijke basis voor zo’n verzoek wanneer de betrokken persoon niet met een ‘onduidelijk geslacht’ is geboren, maar met een beroep op de uitspraak van de Rechtbank Limburg kan de rechtbank het verzoek toch toewijzen.

Dit blijkt uit de onlangs door de Rechtbank Noord-Nederland, locatie Assen gedane uitspraak. Zodra deze uitspraak definitief is geworden (als er geen beroep wordt ingesteld binnen drie maanden na de uitspraak), zal de betrokkene de tweede Nederlander zijn waarvan op deze manier de geboorteakte wordt aangepast en kan het nieuwe paspoort, met daarin het ‘kruisje’ aangevraagd worden.

Strafbeschikking door het Openbaar Ministerie

Straffen worden normaal gesproken opgelegd door een rechter. Maar, in bepaalde gevallen kan ook het Openbaar Ministerie een straf opleggen. Dat gebeurt dan in de vorm van een strafbeschikking.

Wat is een strafbeschikking?

Een strafbeschikking is een straf die buiten de rechter om, wordt opgelegd. De straf kan bijvoorbeeld een boete of een taakstraf zijn. Het Openbaar Ministerie kan geen gevangenisstraf opleggen. Dat kan alleen de rechter. De beschikking van het Openbaar Ministerie is daardoor een beetje te vergelijken met een bestuurlijke boete.

Sinds 2008 heeft het Openbaar Ministerie de mogelijkheid om een strafbeschikking op te leggen. De gedachte hierachter is dat verdachten van eenvoudige en veel voorkomende feiten, zoals bijvoorbeeld bedreiging of vernieling, kunnen worden bestraft zonder dat het rechterlijke apparaat daarmee belast wordt.

Wat zijn de gevolgen van een strafbeschikking?

Een strafbeschikking wordt vaak door het Centraal Justitieel Incassobureau verstuurd. De beschikking lijkt daardoor op een verkeersboete. De gevolgen zijn echter anders.

Wanneer u niet binnen 14 dagen in verzet gaat tegen de strafbeschikking, erkent u impliciet schuld aan het strafbare feit.

Wat veel mensen zich niet realiseren, is dat wanneer er een strafbeschikking is opgelegd, ze daarmee ook een strafblad krijgen. Dit kan tot problemen leiden wanneer er bijvoorbeeld een Verklaring van Omtrent Gedrag aangevraagd dient worden.

Verder is uit diverse onderzoeken gebleken dat het Openbaar Ministerie veel zwaarder straft dan de rechter. Advocaten adviseren hun cliënten dan ook vaak om in verzet te gaan tegen de strafbeschikking.

Verzet tegen de strafbeschikking

Bent u het niet eens met de opgelegde strafbeschikking? In dit geval moet u nooit de opgelegde boete betalen! Daarmee zou u immers schuld bekennen. Wat u wel moet doen, is tijdig verzet instellen bij de officier van justitie. Op de beschikking vindt u meer informatie over het instellen van verzet en de termijn daarvoor. Veelal is de termijn voor verzet slechts 14 dagen.

Het verzet kan schriftelijk worden ingesteld. Dit kunt u zelf doen of via een advocaat. Daarnaast is het mogelijk om in persoon verzet in te stellen. Hiervoor kunt u terecht bij de balie van het dichtstbijzijnde parket of bij de balie van de rechtbank.

Na ontvangst van het verzet kan de officier van justitie de zaak voorleggen aan de rechter of besluiten om de beschikking in te trekken of te wijzigen.

Advocaat bij strafbeschikking

Afgelopen woensdag heeft er een debat in de Tweede Kamer plaatsgevonden over de strafbeschikkingen van het Openbaar Ministerie. Daarbij is afgesproken dat er vanaf 1 oktober 2019 standaard een advocaat zal worden toegewezen aan verdachten bij deze wijze van afdoening.

Update wetsvoorstel partneralimentatie van 12 naar 5 jaar

In juni 2018 schreef ik een blog over de voorgenomen herziening van de partneralimentatie. Dit was naar aanleiding van een op 11 juni 2018 ingediend wetsvoorstel tot aanpassing van de regels voor partneralimentatie. Het wetsvoorstel moest nog behandeld worden door de Tweede Kamer. Gisteren heeft een meerderheid van de Tweede Kamer besloten om de partneralimentatie terug te brengen van 12 jaar naar 5 jaar. Het voorstel zal ook nog door de Eerste Kamer moeten worden goedgekeurd, voordat de wet kan worden ingevoerd. Wilt u meer weten hoe een wet tot stand komt? Leest u dan hier verder.

Wat staat er in de wet?

Hoofdregel: de duur van de partneralimentatie wordt de helft van de duur van het huwelijk, met een maximum van 5 jaar. De maximale duur van de partneralimentatie gaat daardoor van 12 naar 5 jaar. Wie dus 2 jaar getrouwd is, hoeft nog maar één jaar partneralimentatie te betalen aan de minstverdienende partner.

De duur van het huwelijk wordt berekend over de periode vanaf huwelijksdatum tot aan de datum waarop het verzoekschrift tot echtscheiding is ingediend. (Nu wordt de termijn berekend vanaf de huwelijksdatum tot aan de datum inschrijving van de echtscheiding in de registers van de Burgerlijke Stand.)

Op de hoofdregel zijn enkele uitzonderingen:

  • Voor echtgenoten met de zorg voor jonge kinderen, kan de partneralimentatie gelden tot het jongste kind 12 jaar is geworden;
  • Wie langer dan 15 jaar getrouwd is en waarbij de alimentatiegerechtigde binnen 10 jaar voor zijn/haar AOW leeftijd zit, kan de alimentatie tot 10 jaar duren;
  • Alimentatiegerechtigden boven de 50 jaar die langer dan 15 jaar getrouwd zijn, hebben 10 jaar recht op alimentatie. (Deze uitzondering vervalt 7 jaar na invoering van de wet);

De mogelijkheid voor de rechter om in schrijnende gevallen een langere termijn dan 5 jaar alimentatie toe te wijzen, blijft bestaan.

Wanneer gaat de wet in?

Zoals het nu lijkt, zal de wet ingaan op 1 januari 2020. De wet heeft geen terugwerkende kracht. De nieuwe wet zal gaan gelden voor alle verzoeken (tot echtscheiding), die worden ingediend na 1 januari 2020.

Wilt u zelf de stand van zaken in het wetsvoorstel volgen? Klik dan hier.

Recht voor iedereen?

Als mensen horen dat ik advocaat ben, denken ze vaak dat ik tonnen verdien. Dit beeld is met name ontstaan door advocaten in maatpak, zoals Moskowicz. Er zijn enorme verschillen tussen advocaten. Advocaten die op een groot kantoor aan de Amsterdamse Zuidas werken, verdienen aanzienlijk meer dan advocaten in de provincie. Ik ben een advocaat in de provincie. De advocaten die ik ken zijn hele gewone mensen zonder maatpak. Helaas verdien ik ook geen tonnen.

Ik ben een zg. sociale advocaat. Dit betekent dat ik voornamelijk zaken doe op toevoegingsbasis. Ook wel gefinancierde rechtshulp genoemd. De cliënt betaalt een eigen bijdrage en ik krijg voor mijn werkzaamheden van de Raad voor Rechtsbijstand een vast bedrag per zaak uitbetaald. En daar zit nu juist de crux. Of ik nu 6 uur of 60 uur aan een zaak besteed, de vergoeding die ik ontvang, blijft hetzelfde.

Het systeem van de toevoeging werkt via een puntenprincipe. Eén punt is ongeveer 100 euro waard. De Raad voor de Rechtsbijstand is van mening dat één punt voor ongeveer één uur werk staat. Voor bijvoorbeeld een omgangszaak staan 7 punten. Ik heb dergelijke zaak nog nooit in 7 uren kunnen afwikkelen. Ik, en de meeste sociale advocaten met mij, wil(len) namelijk geen half werk leveren. Dit betekent dat ik regelmatig werk voor een aanzienlijk lager tarief dan de bedoeling is. Extra uren worden niet of nauwelijks vergoed.

Het tarief van ongeveer 100 euro per punt is de afgelopen jaren gedaald, waardoor veel sociale advocaten moeite hebben om een fatsoenlijk inkomen te verwerven. Advocaten hebben namelijk ook kosten, zoals bijvoorbeeld huisvesting en verplichte opleidingen. Inmiddels ken ik een aantal advocaten die gestopt zijn of overwegen te stoppen. Nu wil onze Minister van Rechtsbescherming de sociale advocatuur nog verder uitkleden. Hij wil dat bepaalde rechtsgebieden, zoals bijvoorbeeld echtscheidingen en huurrecht worden uitgesloten van gefinancierde rechtshulp. Alleen in het strafrecht en in asielzaken kan dan nog aanspraak  worden gemaakt op gefinancierde rechtsbijstand. Dat is een klap voor de sociale advocatuur. Maar, dit is nog veel erger voor mensen met een kleine beurs.

De plannen van de Minister van Rechtsbescherming

Volgens de Minister moeten mensen zich maar verzekeren. Dat heeft hij zich vast laten aanpraten door een grote rechtsbijstandverzekeraar. Vermoedelijk diezelfde rechtsbijstandverzekeraar waar hij eind augustus 2018 een ‘reclamefilm’ voor heeft opgenomen. Gemakshalve vergeet de Minister dat een hele boel van de zaken die hij wil uitsluiten bijna nooit onder de dekking van een rechtsbijstandsverzekering vallen. Een vrouw zonder inkomen, die van haar echtgenoot zou willen scheiden, heeft dan dus geen mogelijkheden om een echtscheiding aan te vragen.

Als het aan de Minister ligt, is een advocaat straks alleen nog weg gelegd voor mensen met geld. Mensen zonder financiële middelen kunnen hun recht niet meer via de rechter halen. Als de rechter niet meer bereikbaar is, zullen zij hun problemen op een andere manier gaan oplossen. De vrouw zonder inkomen, die wil scheiden van haar echtgenoot, zou “tot de dood ons scheidt” letterlijk kunnen nemen door bijvoorbeeld wat rattengif in zijn koffie te mengen. Of denk eens aan het gezin dat op straat zal komen te staan wanneer de woningbouwvereniging ontruiming van de woning vraagt en er geen geld is om een advocaat te kunnen betalen. De schulden zullen oplopen. Hierdoor zullen alleen maar meer (sociale) problemen ontstaan. Het zal niet voor het eerst zijn dat iemand in zo’n situatie afglijdt in het criminele circuit.

De Minister lijkt te vergeten dat er veel procedures worden gevoerd tegen de overheid. Naar het schijnt wordt in zo’n 60% van de gevallen geprocedeerd tegen de overheid. De oorzaak ligt vaak in complexe wetgeving. Als mensen zonder financiële middelen geen gefinancierde advocaat meer kunnen inschakelen, zullen deze zaken nauwelijks meer voor de rechter komen. Het handelen van de overheid wordt in die gevallen niet meer gecontroleerd. Als er dan toch bezuinigd dient te worden, doet de overheid er goed aan om juist in deze kwesties geschillen te voorkomen. Met het huidige plan wordt de toegang tot het recht simpelweg onmogelijk gemaakt.

Afbrokkeling rechtstaat

Ik vrees dat een heleboel geschillen die nu nog via de rechter opgelost kunnen worden, zullen gaan escaleren. De rechtsstaat die zorgvuldig is opgebouwd, zal snel afbrokkelen als deze plannen worden doorgezet. Dit is een zeer zorgelijke ontwikkeling. Deze afbrokkeling van de rechtstaat begon overigens al bij Fred Teeven, destijds staatssecretaris van Justitie. Hij heeft in 2017 in een interview toegegeven dat hij heeft bezuinigd op de advocatuur om meer verdachten achter de tralies te krijgen. Dat doel wilde hij eigenlijk bereiken door minimumstraffen in te voeren. Toen dat niet lukte, heeft hij zich toegelegd op bezuinigingen op de advocatuur om hetzelfde effect te bereiken. De bezuinigingen waren niet vanuit een financiële noodzaak ingegeven, maar enkel bedoeld om ervoor te zorgen dat advocaten hun werk niet goed konden doen.

Het recht op een eerlijk proces en toegang tot de rechter, is een belangrijke pijler van de democratische rechtsstaat. Ongeveer 40% van de bevolking is afhankelijk van gefinancierde rechtshulp voor de toegang tot het recht. Niemand zou de toegang tot het recht ontzegd moeten worden. Als de plannen van de Minister worden doorgevoerd, zal dat wel gaan gebeuren.