Categoriearchief: Familierecht

(Vernietiging van) de erkenning van een kind

In dit artikel zal ik aandacht besteden aan (de vernietiging van) de erkenning van een kind. Voordat ik daar verder op zal ingaan, zal ik eerst het verschil tussen juridisch ouderschap en biologisch ouderschap bespreken.

 

Het verschil tussen biologisch en juridisch ouderschap

In de wet is vastgelegd wie de juridische ouders van een kind zijn. De juridische ouders van een kind hoeven dus niet altijd de biologische ouders te zijn.

De biologische ouders zijn de vader en de moeder, die biologisch verwant zijn met het kind. Kortom, de ouders van wie het DNA in het kind zit. De juridische ouders zijn de wettelijke ouders van het kind, maar zij hoeven niet biologisch verwant te zijn. Een voorbeeld hiervan is bijvoorbeeld adoptie.

Juridisch ouderschap kan op verschillende manieren ontstaan. In dit artikel zal ik deze mogelijkheden verder niet bespreken.

Een moeder uit wie het kind is geboren, is zowel een biologische ouder als de juridische moeder. Voor een vader ligt dat anders, een vader kan namelijk ook een kind erkennen en dus juridisch vader worden, terwijl hij niet de biologische vader van het kind is.

Erkenning van een kind heeft gevolgen voor het juridisch vaderschap. Als een man een kind erkent, wordt hij de juridische vader van het kind.

Hoe wordt een kind erkend?

Een kind dat uit een huwelijk van de ouders wordt geboren, heeft van rechtswege twee juridische ouders. Een kind dat tijdens een huwelijk (of geregistreerd partnerschap) wordt geboren hoeft niet apart erkend te worden door de vader. Door het huwelijk wordt de vader van rechtswege geacht de juridische vader van het kind te zijn.

Voor ouders die niet met elkaar gehuwd zijn (of een geregisteerd partnerschap hebben), geldt dat de vader het kind dient te erkennen om de juridisch vader te worden.

Het erkennen van een kind kan op twee manieren, met toestemming van de moeder of via een procedure vervangende toestemming indien de moeder geen toestemming verleent.

Zoals al is aangegeven, hoeft de erkenner niet de biologische vader van het kind te zijn. Erkenning kan ook geschieden door bijvoorbeeld de man waar de moeder een relatie mee heeft gekregen na de geboorte van het kind. Dit gebeurt nog weleens als het kind bijvoorbeeld is verwekt tijdens een one night stand.

Soms erkent een man een kind, omdat hij er vanuit gaat dat hij de biologische vader van het kind is, terwijl dat later toch niet het geval blijkt te zijn. Kan de erkenning dan worden vernietigd?

Vernietiging van de erkenning

Vernietiging van de erkenning is mogelijk, maar daaraan zijn wel voorwaarden verbonden. De volgende voorwaarden gelden: de erkenner is niet de biologische ouder van het kind én de moeder is niet eerlijk geweest over de verwekker van het kind óf de erkenning heeft onder dwang plaatsgevonden.

Om een erkenning te laten vernietigen, dient er een verzoek bij de Rechtbank ingediend te worden. Een dergelijk verzoek kan via een advocaat worden ingediend door de erkenner, de moeder of het kind zelf. Voor deze verzoekers gelden overigens wel andere voorwaarden. In dit artikel zal ik alleen de situatie bespreken wanneer de erkenner de erkenning wil laten vernietigen.

De erkenning kan alleen worden vernietigd wanneer de erkenner niet de biologische vader is van het kind. Of de erkenner wel of niet de biologische vader is, kan worden vastgesteld door middel van een DNA onderzoek.

Naast het feit dat de erkenner niet de biologische vader is, geldt een aanvullende voorwaarde. De moeder moet hem bijvoorbeeld het idee hebben gegeven dat hij de biologische vader van het kind was. De erkenner moet binnen één jaar nadat hij het bedrog heeft ontdekt een verzoek hebben ingediend bij de Rechtbank.

Als de vader een kind heeft erkend terwijl hij wist dat hij niet de biologische vader was, is het voor hem niet mogelijk om vernietiging van de erkenning te verzoeken. Het kind zelf kan in een dergelijk geval wel weer vernietiging vragen. 

 Gevolgen van de vernietiging van de erkenning

Als de erkenning wordt vernietigd, dan herleeft de situatie van voor de erkenning. Er is niet langer sprake van juridisch ouderschap met de erkenner en het kind zal niet langer erfgenaam van de erkenner zijn.

Wilt u nog meer lezen over erkenning? Leest u dit artikel dan.

 

Vakantie met de kinderen in corona tijd

Over ongeveer twee maanden begint de zomervakantie. Normaal gesproken is dit een periode dat veel mensen op vakantie naar het buitenland gaan. Door corona ziet de vakantie er voor veel mensen anders uit. Er is nog grote onzekerheid over de mogelijkheden van vakanties in het buitenland. De meeste Nederlanders vieren daarom wederom een vakantie in eigen land.

Bent u gescheiden met minderjarige kinderen en overweegt u een vakantie in het buitenland? Leest u dan vooral even verder.

Heeft u toestemming van de andere ouder?

Voor (gescheiden) ouders met gezamenlijk gezag geldt dat zij voor een vakantie in het buitenland een door de andere ouder ondertekende toestemmingsverklaring nodig hebben. Hierover schreef ik al eens eerder.

Weigert de andere ouder toestemming?

Weigert de andere ouder toestemming te verlenen? Bijvoorbeeld omdat deze de reis  onverantwoord vindt vanwege corona? Dan is het mogelijk om via een spoedprocedure vervangende toestemming voor de vakantie te vragen aan de rechter.

Dat de rechter in corona tijd vervangende toestemming verleent, is overigens niet vanzelfsprekend. De rechter zal in een procedure de belangen van de kinderen en de beide ouders tegen elkaar afwegen.

Wat zegt de rechter?

Afgelopen zomer zijn er veel procedures over vervangende toestemming voor een vakantie in het buitenland in corona tijd gevoerd. Hieruit komt het volgende beeld naar voren:

Wanneer er geen andere grote bezwaren tegen de voorgenomen reis zijn, volgt de rechter over het algemeen de reisadviezen van de overheid. Dit betekent dat er vervangende toestemming wordt verleend onder de voorwaarde dat in het land van bestemming geen negatief reisadvies geldt. Een negatief reisadvies is in dit geval een code oranje of rood.

Bij een code oranje wordt geadviseerd om alleen noodzakelijke reizen te maken. Een vakantie wordt niet aangemerkt als een noodzakelijke reis. Geldt er in het land van bestemming een code oranje? Dan dient u er dus rekening mee te houden dat de rechter het verzoek tot vervangende toestemming zal afwijzen.

Wanneer er sprake is van een doorreis, kan de rechter bijvoorbeeld bepalen dat de vervangende toestemming wordt verleend onder de voorwaarde dat in het land van doorreis geen sprake mag zijn van een code oranje of rood.

Wanneer er sprake is van een code geel en bijkomende bijzondere omstandigheden, dan kan de rechter het verzoek tot vervangende toestemming  ook afwijzen. Hierbij kan gedacht worden aan een situatie waarbij het kind tot een medische risicogroep wordt gerekend.

Uiteraard dient men zich op het vakantieadres te houden aan de ter plaatse geldende maatregelen en beperkingen. Wanneer het reisadvies tijdens het verblijf wijzigt, dienen er  passende maatregelen te worden getroffen.

5 veelgestelde vragen over een echtscheiding

1. Hoelang duurt een echtscheidingsprocedure?

Hoelang de echtscheidingsprocedure duurt, is afhankelijk van meerdere factoren. Zo is van belang of het een scheiding op gemeenschappelijk verzoek betreft of een zg. eenzijdig verzoek, dat wil zeggen een verzoek dat door één van de ex-partners is ingediend.

Gaat het om een echtscheiding op gemeenschappelijk verzoek dan wordt de scheiding doorgaans 3 tot 4 weken na ontvangst van het verzoek door de rechtbank uitgesproken. Wanneer er kinderen ouder dan 12 jaar bij de scheiding zijn betrokken, zal er een minderjarigenverhoor plaatsvinden, waardoor de scheiding nog eens 2 tot 4 weken langer kan duren.

Gaat het om een eenzijdig verzoek? Dan is de duur o.a. afhankelijk van het feit of er door de andere ex-partner verweer gevoerd wordt. Als er verweer wordt gevoerd, zijn ook de onderwerpen waarover de rechter uitspraak zal moeten doen van belang. Ook de leeftijd van de kinderen kan een rol spelen; kinderen ouder dan 12 jaar worden uitgenodigd voor een minderjarigenverhoor.

Bij een eenzijdig verzoek tot echtscheiding met verweer duurt de procedure tenminste 5 maanden.

2. Wanneer is de echtscheiding defintief?

Nadat de rechbank de echtscheiding heeft uitgesproken, is de echtscheiding nog niet definitief. Beide partijen dienen een akte van berusting te ondertekenen, waarin zij verklaren dat zij het eens zijn met de uitspraak van de rechtbank waarbij hun scheiding is uitgesproken. Pas daarna kan de echtscheiding worden ingeschreven in de registers van de burgerlijke stand bij de gemeente waar de ex-partners zijn gehuwd. Nadat de echtscheiding is verwerkt in de registers van de burgerlijke stand, is de echtscheiding pas definitief.

Als één van de ex-partners weigert de akte van berusting te ondertekenen, zal de scheiding pas na het verstrijken van de beroepstermijn (3 maanden) ingeschreven kunnen worden. In dat geval duurt het dus langer voordat deze definitief is.

3. Moet ik ook naar de rechtbank?

Als het een echtscheiding op eenzijdig verzoek betreft en er wordt verweer gevoerd, zal er altijd een mondelinge behandeling worden bepaald. In dat geval zullen partijen dus worden uitgenodigd om ter zitting te verschijnen.

Bij een echtscheiding op gemeenschappelijk verzoek vindt er alleen in zeer uitzonderlijke gevallen een mondelinge behandeling plaats, bijvoorbeeld wanneer tijdens een minderjarigenverhoor blijkt dat het kind het niet eens is met de afspraken die de ouders over het kind hebben gemaakt.

Wilt u meer weten over hoe een zitting verloopt? Lees dan mijn blog “Hoe verloopt een procedure bij de familierechter“.

4. Wat kan er bij een echtscheiding geregeld worden?

Behalve de echtscheiding zelf kunnen er verzoeken gedaan worden die zien op de volgende onderwerpen:

  • voorzieningen ten aanzien van de kinderen, zoals een vaststelling van het hoofdverblijf, de omgangsregeling met de andere ouder en kinderalimentatie;
  • partneralimentatie;
  • wie het tijdelijk gebruik van de woning of het huurrecht krijgt;
  • verdeling van de gemeenschappelijke bezittingen of de afwikkeling van huwelijkse voorwaarden;

5. Wat kost een scheiding?

Indien u in aanmerking komt voor gefinancierde rechtsbijstand betaalt u (in 2021) een eigen bijdrage variërend tussen € 306,00 en € 848,00 en een griffierecht van € 85,00. Meer informatie over gefinancierde rechtsbijstand vindt u op de website van de Raad voor Rechtsbijstand.

Indien u niet in aanmerking komt voor gefinancierde rechtsbijstand, geldt een uurtarief waarbij de totale prijs ondermeer zal afhangen van het uurtarief van de advocaat, de vraag welke onderwerpen bij de scheiding geregeld dienen te worden en in hoeverre u daarover samen met uw ex-partner afspraken kunt maken.

Wilt u weten wat u allemaal dient te regelen in het kader van een echtscheidingsprocedure? Lees dan mijn blog “Scheiden in 10 stappen“.

Vijf vragen over de schriftelijke aanwijzing in het kader van een ondertoezichtstelling.

In mijn vorige blog heb ik aandacht besteed aan de ondertoezichtstelling. In deze blog zal ik dieper ingaan op de schriftelijke aanwijzing die een gezinsvoogd kan geven in het kader van een ondertoezichtstelling.

1. Wat is een schriftelijke aanwijzing?

Een schriftelijke aanwijzing is een brief van de gezinsvoogd met daarin een opdracht aan de gezaghebbende ouder(s) of het kind om iets wel of juist niet te doen. Er kan geen aanwijzing worden gegeven aan een ouder die niet met het gezag over het kind belast is.

2. Wanneer wordt een schriftelijke aanwijzing gegeven?

Een schriftelijke aanwijzing kan worden gegeven als de gezaghebbende ouders of het kind niet willen meewerken aan de adviezen van de gezinsvoogd. De aanwijzing moet worden nakomen.

In sommige gevallen wordt eerst een voornemen tot een schriftelijke aanwijzing gegeven. Hierop kan dan gereageerd worden. Ook biedt het de ouders en/of het kind de mogelijkheid om de opdracht alsnog uit te voeren.

Voordat een aanwijzing kan worden gegeven, zal de gezinsvoogd eerst moeten proberen om via overleg de ouders en/of het kind zover te krijgen dat wordt meegewerkt. Lukt dat niet? Dan pas mag een schriftelijke aanwijzing worden gegeven. De schriftelijke aanwijzing is dus bedoeld als uiterste middel.

3. Waarover kan een aanwijzing worden gegeven?

De aanwijzing moet in het belang van het kind zijn en zal doorgaans te maken hebben met de verzorging en opvoeding van het kind. De aanwijzing kan bijvoorbeeld een opdracht zijn om hulpverlening te accepteren. Ook kan de aanwijzing zien op de uitvoering van een omgangsregeling.

4. Welke mogelijkheden heeft de gezinsvoogd als de aanwijzing niet wordt opgevolgd?

Wanneer de gezaghebbende ouders de aanwijzing niet opvolgen, dan kan de gezinsvoogd de kinderrechter verzoeken de aanwijzing alsnog op te volgen. Hieraan kan bijvoorbeeld een dwangsom worden verbonden.

Het niet meewerken aan een schriftelijke aanwijzing zal gevolgen kunnen hebben voor de (verlenging van de) ondertoezichtstelling.

5. Wat kunnen de ouders doen als zij het niet eens zijn met de aanwijzing?

Als de ouders het niet eens zijn met een aanwijzing, kunnen zij binnen twee weken aan de kinderrechter verzoeken om de aanwijzing vervallen te laten verklaren. Hiervoor is geen advocaat nodig. De kinderrechter zal dan bekijken of de beslissing van de gezinsvoogd voldoende zorgvuldig tot stand is gekomen en goed gemotiveerd is. Ook wordt onderzocht of met alle belangen rekening is gehouden.

De aanwijzing blijft gelden totdat de rechter een beslissing heeft genomen.

Als een aanwijzing al langere tijd geldt en de situatie wijzigt, dan kan ook aan de gezinsvoogd verzocht worden om de aanwijzing aan te passen of in te trekken. De gezinsvoogd moet dan binnen 2 weken een beslissing nemen. Als dit wordt afgewezen, is het mogelijk beroep bij de kinderrechter in te stellen.

Hoe verloopt een procedure bij de familierechter?

Ik krijg vaak de vraag hoe procedures in zijn werk gaan. Daarom bespreek ik in deze blog het verloop van een procedure bij de familierechter. Een familierechter behandelt zaken op het gebied van familiebetrekkingen, zoals echtscheidingen en omgangsregelingen.

stap 1: verzoek

Iedere procedure begint met het indienen van een schriftelijk verzoek bij de rechtbank. Het verzoekschrift moet door een advocaat worden ingediend. Hierop zijn twee uitzonderingen, te weten de eigen rechtsingang van een kind en een verzoek vervangende toestemming voor de aanvraag van een reisdocument.

De partij die het verzoek heeft ingediend, noemen we ‘de verzoeker’.

De rechtbank rekent administratiekosten voor het in behandeling nemen van het verzoek. Deze kosten noemen we griffierecht. Iemand die voor gesubsidieerde rechtsbijstand, een zg. toevoeging, in aanmerking komt, betaalt een lager griffierecht dan iemand dan die daarvoor niet in aanmerking komt. Het volledige griffierecht bedraagt op dit moment € 304,00. Voor iemand met een toevoeging bedraagt het griffierecht € 83,00.

stap 2: verweer

De partij die het verzoek niet heeft ingediend, mag daartegen verweer voeren. Deze partij noemen we ‘de verweerder’. Een verweer is een reactie, waarin de verweerder aangeeft waarom deze het niet is met het verzoek. Een verweer kan schriftelijk worden ingediend, maar mag soms ook mondeling worden gedaan. Doorgaans is de verweerder ook griffierecht verschuldigd.

In de meeste procedures zal de rechtbank de verweerder in de gelegenheid stellen om schriftelijk verweer te voeren. Voor het indienen van stukken bij de rechtbank en dus ook een verweerschrift, is een advocaat nodig.

In andere zaken, zoals bijvoorbeeld omgangskwesties, zal de rechtbank geen termijn voor verweer geven, maar wordt er een datum voor een mondelinge behandeling bepaald. Hoewel er geen verweertermijn wordt gegeven, mag er wel een verweerschrift worden ingediend. De rechter stelt dit vaak op prijs, omdat dan voor de zitting alle standpunten bekend zijn. Voor het indienen van een verweerschrift is een advocaat nodig. Bij omgangskwesties kan ook tijdens de mondelinge behandeling – zonder advocaat – mondeling verweer gevoerd worden.

In een verweerschrift kan ook een tegenverzoek worden gedaan. Dit is een zelfstandig verzoek in reactie op het verzoek dat de verzoeker heeft gedaan. U kunt daarbij bijvoorbeeld denken aan de volgende situatie: de verzoeker heeft een verzoek tot vaststelling van een omgangsregeling van een weekend per veertien dagen gedaan, maar heeft ten aanzien van de verdeling van de vakanties niets in het verzoek opgenomen. De verweerder kan dan bij wijze van zelfstandig verzoek aan de rechter vragen om ook een omgangsregeling vast te stellen tijdens de vakanties.

Als er geen verweer wordt gevoerd, zal de rechter het verzoek van de verzoeker toewijzen. Is er wel verweer gevoerd? Dan bepaalt de rechter een datum voor een zitting.

stap 3: de zitting

Partijen en/of hun advocaten krijgen een oproepingsbrief om (gelijktijdig) op de rechtbank te verschijnen. Hierin staan de datum, tijdstip en de locatie van de zitting vermeld. Als één van de partijen of advocaten verhinderd is, kan de rechtbank een andere zittingsdatum bepalen.

Soms dienen voor de zitting nog nadere stukken toegestuurd te worden, bijvoorbeeld in alimentatieprocedures. Hiervoor gelden termijnen, waarbinnen de stukken door de rechtbank dienen te zijn ontvangen.

Op de dag van de zitting moeten partijen op tijd bij de rechtbank verschijen. Bij binnenkomst moeten zij zich melden bij de portier. Het kan zijn dat gevraagd wordt om een legitimatiebewijs en/of de oproepingsbrief voor de mondelinge behandeling te tonen. Vervolgens vindt er een veiligheidscontrole plaats. Totdat de zitting begint, kunnen partijen wachten in een wachtruimte. De bode kondigt het begin van de zitting aan. De zitting is niet openbaar. Dit betekent dat er geen andere mensen mee naar binnen mogen in de zittingszaal.

In de zittingszaal zijn een rechter en een griffier aanwezig. De griffier maakt aantekeningen voor de rechter. Als het gaat om een zaak waar kinderen bij betrokken zijn, zoals bijvoorbeeld een omgangskwestie, dan zal er ook een medewerker van de Raad voor de Kinderbescherming aanwezig zijn. De medewerker van de Raad voor de Kinderbescherming geeft tijdens de zitting advies aan de rechter. Als er een uitgebreider advies nodig is, zal de rechter de Raad voor de Kinderbescherming opdracht kunnen geven om een schriftelijk advies uit te brengen.

Over het algemeen zal de rechter de advocaat van de verzoeker eerst de gelegenheid geven om het verzoek toe te lichten. Daarna mag de avocaat van de verweerder reageren. Vervolgens zal de rechter vragen stellen aan de advocaten en/of partijen zelf. Nadat de rechter vragen heeft gesteld, mogen de advocaten ieder nog één keer reageren. Voordat de rechter de behandeling ter zitting sluit, mogen partijen nog iets zeggen als ze dat willen. Dit noemen we het laatste woord.

stap 4: de uitspraak

De meeste rechters doen niet meteen tijdens de mondelinge behandeling uitspraak. Aan het einde van de zitting geeft de rechter aan wanneer de uitspraak, de beschikking, wordt verwacht. Meestal is dat op een termijn van uiterlijk 4 weken. Soms is de beschikking dan nog niet gereed en wordt deze aangehouden. Dit is bijvoorbeeld het geval bij ziekte of onderbezetting tijdens vakanties. De exacte reden van de aanhouding van een beschikking is meestal niet bij een advocaat bekend.

De meeste rechtbanken hanteren vaste dagen waarop beschikking worden afgegeven. Door de rechtbank in Assen worden beschikkingen bijna altijd op een woensdag afgegeven.

Wanneer de beschikking gereed is, wordt deze per post aan de advocaat toegezonden. De advocaat stuurt de uitspraak vervolgens weer door aan de cliënt. Omdat de uitspraak per post wordt toegezonden, is de inhoud (vaak) nog niet bekend op de dag dat de uitspraak verwacht wordt.

Wat kan ik doen als de alimentatie niet betaald wordt?

Er kunnen veel problemen ontstaan over alimentatiebetalingen. De wettelijke indexering wordt bijvoorbeeld niet betaald of er ontstaat een ruzie over de hoogte van de verplichting. Voor de alimentatiegerechtigde kan het vervelende financiële gevolgen hebben als de alimentatie niet (volledig) wordt betaald. In dit artikel zal ik bespreken welke mogelijkheden er zijn om achterstallige alimentatie te incasseren.

Allereerst dient er onderscheid gemaakt te worden tussen alimentatie afspraken die door de rechter zijn vastgelegd en afspraken die niet door rechter zijn vastgelegd. Ik zal beginnen met de laatste situatie.

De alimentatie is niet door de Rechtbank vastgelegd.

Is de alimentatieverplichting onderling afgesproken in bijvoorbeeld een echtscheidingsconvenant of ouderschapsplan, maar is niet gevraagd om deze afspraken in een beschikking van de Rechtbank te laten vastleggen? Dan dient de Rechtbank alsnog de hoogte van de alimentatieverplichting vast te stellen. Een advocaat zal dan een verzoekschrift bij de Rechtbank moeten indienen om de alimentatie alsnog te laten vastleggen.

De alimentatie is door de Rechtbank in een beschikking opgenomen.

In dat geval is het mogelijk om de achterstallige alimentatie te incasseren via bijvoorbeeld het Landelijk Bureau Inning Onderhoudsbijdragen (LBIO). Het LBIO kan gratis worden ingeschakeld door de alimentatiegerechtigde. Daarentegen dient de alimentatiebetaler een opslag te betalen. Het LBIO kan alleen vorderingen incasseren die niet ouder zijn dan 6 maanden.

Zijn de achterstanden ouder dan 6 maanden? Dan kan er een deurwaarder worden ingeschakeld of het Nationaal Loket Alimentatie Inning. Het NLAI werkt op basis van no cure no pay. Er worden geen kosten in rekening worden gebracht als er geen resultaat is behaald.

Om de alimentatie te kunnen laten incasseren is de originele beschikking van de Rechtbank nodig. Op deze beschikking staat een stempel met de woorden ‘in naam van de Koning’. Dit wordt de zg. grosse genoemd. Het LBIO, een deurwaarder of het NLAI zal u vragen deze grosse toe te sturen. Het is daarom belangrijk om de grosse goed te bewaren.

Verjaring

Het is dus mogelijk om achterstallige alimentatie te incasseren, maar dit kan niet oneindig. Voor alimentatiebetalingen geldt een verjaringstermijn van 5 jaar. Dit betekent dat achterstanden ouder dan 5 jaar niet meer kunnen worden geincasseerd. Maar, als de ex-partner binnen deze 5 jaar schriftelijk is aangemaand om te betalen, dan wordt de verjaring gestuit. Vanaf dat moment gaat er een nieuwe verjaringstermijn van 5 jaar lopen.

Mocht er sprake zijn van een achterstand in alimentatiebetalingen, dan is het als alimentatiegerechtigde verstandig om de ex-partner daar ieder jaar schriftelijk op te wijzen en te vragen om de achterstand te voldoen. Op deze manier gaat de verjaringstermijn telkens opnieuw lopen. Uiteraard dient u dan wel te kunnen aantonen dat u daadwerkelijk een herinnering heeft verstuurd.

Paspoort kind aanvragen, maar ex-partner werkt niet mee.

Een paspoort of identiteitskaart is een reisdocument waarmee naar andere landen gereisd kan worden. Met een identiteitskaart kunnen de meeste Europese landen bezocht worden. Met een paspoort kunnen alle landen bezocht worden. Als een kind naar het buitenland reist, moet deze in het bezit zijn van een geldig reisdocument. Dit is ongeacht de leeftijd van het kind. Vanaf 14 jaar moeten kinderen zich kunnen identificeren.

Aanvraag paspoort of identiteitskaart kind

Een paspoort of identiteitskaart dient aangevraagd te worden bij de gemeente waar het kind staat ingeschreven. Kinderen vanaf 12 jaar mogen zelf een identiteitskaart aanvragen zonder toestemming van hun ouders. Vanaf 18 jaar mogen zij ook zelf een paspoort aanvragen.

Zolang er toestemming van de ouders nodig is voor het aanvragen van een reisdocument, moet in ieder geval één ouder mee naar de gemeente bij de aanvraag. Een kind moet zowel bij het aanvragen als het ophalen van het document aanwezig zijn, ongeacht de leeftijd.

Beide ouders met gezag moeten een toestemmingsformulier ondertekenen. Maar wat nu als de ouders zijn gescheiden en de andere ouder weigert toestemming te verlenen voor het aanvragen van een reisdocument?

Ex-partner geeft geen toestemming. Wat nu?

Indien uw ex-partner geen toestemming geeft voor de aanvraag van een reisdocument voor uw kind, dan kan de rechtbank verzocht worden om vervangende toestemming te verlenen. De rechter beslist dan of uw kind ook zonder het akkoord van uw ex-partner een reisdocument kan krijgen. Als de rechter het verzoek toewijst, kan met de uitspraak alsnog een reisdocument worden aangevraagd.

Het verzoek kan bij de rechtbank worden ingediend door een advocaat, maar dit is niet verplicht. In dit kader wijs ik erop dat de Raad voor Rechtsbijstand heeft besloten om binnenkort geen toevoegingen meer te verlenen meer voor dergelijke procedures.

De procedure vervangende toestemming kan enkele maanden duren. Begin dus ruim voor het boeken van een vakantie in het buitenland met het aanvragen van een reisdocument voor uw kinderen. In spoedeisende gevallen kan een kort geding procedure worden gestart. Hiervoor is wel een advocaat nodig.

Echtscheiding en verzekeringen

Bij een echtscheiding moeten de gezamenlijke eigendommen worden verdeeld. Daarbij kan gedacht worden aan de inboedel en de auto. Maar, vergeet vooral de verzekeringen niet! Waarschijnlijk heeft u samen met uw ex-partner één of meerdere verzekeringen afgesloten. Misschien bent u meeverzekerd op de polis zorgverzekering van uw ex-partner?

Een scheiding heeft ook gevolgen voor uw verzekeringen. Het is daarom verstandig om bij een scheiding de verzekeringen op een rijtje te zetten. Sommige verzekeringen hebben een waarde en moeten worden verdeeld. Andere verzekeringen moeten worden gewijzigd of misschien opnieuw worden afgesloten.

Verzekeringen met een waarde

Allereerst de verzekeringen met een waarde. Hierbij kan gedacht worden aan een zg. kapitaalverzekering, die bijvoorbeeld gekoppeld is aan de woning. Of bijvoorbeeld een lijfrentepolis of een levensverzekering. Als er sprake is van een gemeenschap van goederen, dient de opgebouwde waarde van deze verzekeringen in beginsel bij helfte te worden verdeeld. Sommige polissen kunnen worden afgekocht. Andere moeten worden voortgezet. Wordt de verzekering voortgezet? Dan moet de afkoopwaarde van de polis worden verrekend. De afkoopwaarde kunt u opvragen bij uw verzekeraar.

Wie een auto heeft, heeft ook een verplichte autoverzekering. Voor elk jaar dat er geen schade geclaimd wordt, wordt er een schadevrij jaar opgebouwd. Dit wordt de no-claim korting genoemd. Hoe meer schadevrije jaren, hoe hoger de korting. De schadevrije jaren zijn in principe persoonsgebonden, maar bij sommige verzekeraars is het mogelijk om de schadevrije jaren te verdelen. Hiervoor dient een afstandsverklaring te worden ondertekend. Neem voor de mogelijkheden contact op met uw verzekeraar.

Tip:

Zet bij een scheiding uw verzekeringen op een rijtje. Laat u zich ten aanzien van de verzekeringen voorlichten door een verzekeringsadviseur.

Gescheiden ouders en de corona crisis

De afgelopen periode zijn er diverse maatregelen getroffen om de verspreiding van het coronavirus tegen te gaan. Scholen zijn gesloten, maar ook attractieparken en horeca. Geadviseerd wordt om zoveel mogelijk thuis te werken. Sommige mensen hebben helemaal geen inkomsten meer, omdat zij hun werk simpelweg niet meer kunnen uitvoeren. Voor iedereen is er sprake van een onzekere situatie.

Veel gescheiden ouders hebben in deze periode vragen over de omgangsregeling. Moet deze tijdens de corona crisis worden nagekomen? Andere ouders hebben zorgen over de alimentatie, omdat zij bijvoorbeeld als ZZP-er tijdelijk geen inkomsten hebben.

Omgang

Sommige ouders houden hun kinderen in verband met besmettingsgevaar binnen. Het coronavirus is echter geen reden om de kinderen bij de andere ouder weg te houden. Voor kinderen is er al veel veranderd, omdat zij niet naar school kunnen gaan en thuis les krijgen. Het is belangrijk dat zij wel contact met de andere ouder kunnen houden.

Als één van de ouders gezondheidsklachten heeft, kan dit uiteraard wel aanleiding zijn om af te wijken van de gebruikelijke omgangsregeling. In dat geval is het verstandig om in onderling overleg afspraken te maken. Ten aanzien van zieke kinderen geldt: volg het advies van de (huis)arts en vraag of het verstandig is het kind naar de andere ouder te laten gaan.

Woont één van de ouders over de grens, bijvoorbeeld in Duitsland, dan wordt de situatie iets ingewikkelder. In dat geval dient rekening te worden gehouden met de maatregelen in beide landen. Op dit moment raadt het RIVM Nederlanders af om naar het buitenland te reizen, tenzij dit echt noodzakelijk is. De vraag kan rijzen of het nakomen van de omgangsregeling noodzakelijk is. Hierop hebben wij helaas ook geen pasklaar antwoord. Blijf daarom met elkaar in overleg. (Update: Inmiddels is duidelijk geworden dat reizen tussen België en Nederland in verband met co-ouderschap wel is toegestaan.)

Voorlopig is er in Nederland sprake van een zg. ‘intelligente lockdown’. Maar wat nu als er toch een complete lockdown wordt afgekondigd? Bij een complete lockdown mogen mensen zonder goede reden niet over straat. Boodschappen doen, mag uiteraard wel. De kans is aanwezig dat de kinderen dan niet van de ene naar de andere ouder gebracht mogen worden. Hoe hier mee omgegaan zal worden, is op dit moment nog niet te zeggen.

Alimentatie

Ook over alimentatieverplichtingen zijn vragen. Sommige ZZP-ers kunnen hun werkzaamheden niet meer uitvoeren. Mensen met nul uren contracten worden niet meer opgeroepen. Werknemers met tijdelijke contracten krijgen geen contractverlenging. Duidelijk is dat deze crisis de meeste mensen in de portemonnee raakt. Dit heeft uiteraard ook consequenties voor de alimentatie. Als er minder inkomen is, is er minder ruimte om alimentatie te kunnen betalen.

Ook met de huidige crisis dient de afgesproken of door de rechter bepaalde alimentatie in beginsel te worden betaald. Ook als het inkomen (tijdelijk) lager is. Wordt de alimentatie zonder enig overleg niet betaald? Dan kan de alimentatieontvanger contact opnemen met het Landelijk Bureau Inning Onderhoudsbijdrage (LBIO) om de alimentatie te laten incasseren. Voor de alimentatieontvanger is dit gratis. De alimentatieplichtige betaalt de kosten van de inning.

Vooralsnog gaan we er vanuit dat de huidige situatie tijdelijk zal zijn. Daarnaast heeft het kabinet voor diverse groepen mensen inkomensregelingen aangekondigd.

Mocht de situatie van lagere inkomsten veel langer duren, dan is er sprake van relevante wijziging in omstandigheden. In een dergelijk geval is het normaal gesproken mogelijk om wijziging van de alimentatie te verzoeken. Maar, de rechtbanken zijn op dit moment ook gesloten. Advocaten zijn daarnaast opgeroepen om zo min mogelijk nieuwe procedures te starten. Het is onduidelijk hoelang deze situatie zal duren. Een procedure is dus niet de oplossing!

Zijn er door de corona crisis problemen met de betaling van de alimentatie, neem dan contact met de ex-partner op om afspraken te maken. Zo kan er in onderling overleg worden afgesproken dat de alimentatie tijdelijk wordt verlaagd. Leg deze afspraken dan wel schriftelijk vast.

Kortom in deze bijzondere situatie is het als gescheiden ouders van belang om nog meer dan anders met elkaar in gesprek te blijven in het belang van de kinderen.

Naamswijziging

Iedereen in Nederland heeft één of meer voornamen en een achternaam. Met onze naam onderscheiden we ons van andere mensen. Onze naam is onderdeel van onze identiteit.

Voornamen hebben vaak een speciale betekenis. Tot het einde van de middeleeuwen hadden mensen alleen een voornaam. Omdat veel mensen dezelfde voornaam hadden, was niet duidelijk wie er bedoeld werd. Vanaf dat moment werd er iets aan de naam toegevoegd, bijvoorbeeld ‘Janszoon’.

In 1811 verplichtte Napoleon iedereen om een achternaam te laten registreren. Mensen die nog geen achternaam hadden, moesten een naam kiezen. De verzonnen achternamen sloegen vaak op een beroep of de herkomst van de familie. De achternamen gingen vanaf dat moment over van vader op kind. Sinds 1998 kan bij de geboorte van een kind gekozen worden voor de naam van de moeder of de vader. Nederland telt inmiddels ruim 300.000 verschillende achternamen.

Maar wat nu als je niet blij bent met de naam die je is gegeven? Er kunnen verschillende redenen zijn om een naam te veranderen. Er dient een onderscheid gemaakt te worden in wijziging van de voornaam en wijziging van de achternaam. Laat ik beginnen met de laatste.

Wijziging achternaam

In sommige situaties is het mogelijk om een achternaam te wijzigen. Wijziging van een achternaam kan wanneer er bijvoorbeeld sprake is van een fout geschreven naam. Of wanneer iemand een bespottelijke naam heeft, zoals bijvoorbeeld de naam ‘poepjes’. Verder is het mogelijk om de achternaam van een kind te wijzigen in de achternaam van de andere ouder. Voor wijziging van de achternaam van een kind is de toestemming van beide gezaghebbende ouders nodig. Er wordt altijd gevraagd naar de mening van de andere ouder. Ook als de andere ouder niet het gezag heeft. Meer informatie over naamswijziging van een minderjarig kind, vindt u hier.

Voor achternaamswijziging is geen advocaat nodig. Een aanvraag voor een wijziging moet worden ingediend bij Justis. Justis beslist namens de minister voor Rechtsbescherming of de achternaam mag worden gewijzigd. De kosten voor een achternaamswijziging bedragen € 835,00.

Wijziging voornaam

Voornamen gaan meestal een heel leven mee. Als een voornaam door omstandigheden niet (meer) passend is, kan dit aanleiding zijn om een naamswijziging aan te vragen. Een verzoek tot voornaamswijziging kan bijvoorbeeld ingediend worden wanneer er bij de aangifte van de geboorte een onjuiste of onvolledige naam is opgegeven. Ook kan wijziging worden verzocht als iemand psychisch lijdt onder zijn naam. Wijziging van een voornaam kan ook aan de orde zijn na een geslachtsverandering. Of wanneer iemand tot een ander geloof is bekeerd.

Om een voornaam te kunnen wijzigen, is een advocaat nodig. De aanvraag wordt door de advocaat bij de rechtbank ingediend. Voor de kosten van de behandeling van het verzoek is griffierecht verschuldigd. Het griffierecht bedraagt (maximaal) € 304,00. Verder betaalt u advocaatkosten.

De rechter gaat na of er een zwaarwegend persoonlijk belang aanwezig is voor wijziging van de naam. Hierbij wordt een afweging gemaakt tussen het belang dat iemand heeft om de voornaam te veranderen en het maatschappelijk belang dat is gediend bij een continue naamsvoering. De verzochte nieuwe voornaam mag daarnaast niet ongepast zijn.

Meer informatie over hoe één en ander bij de rechtbank in zijn werk gaat, leest u hier.